We worden dagelijks aangespoord om meer te willen: meer succes, meer bezit, meer geluk. Tevreden zijn met wat er is, lijkt bijna verdacht. Acceptatie wordt vaak verward met luiheid of onverschilligheid, terwijl ze in werkelijkheid een van de meest bevrijdende houdingen kan zijn. Wat als juist acceptatie de sleutel is tot innerlijke rust in een wereld die drijft op onrust en ongenoegen? Acceptatie heeft geen al te beste reputatie. Integendeel, we worden voortdurend aangespoord om niet tevreden te zijn met hoe dingen zijn.
Vanaf jonge leeftijd leren we dat we ons niet mogen neerleggen bij onze tekortkomingen, maar moeten proberen ze te overwinnen. In die context wordt acceptatie soms zelfs als immoreel beschouwd, alsof het een goedkeuring van onrecht zou betekenen. Accepteert de samenleving het onvolmaakte? Nauwelijks. Stel dat mensen volledig zouden ophouden eisen te stellen en zich zouden neerleggen bij hun situatie, dan zouden veel politici hun werk verliezen. Ongenoegen lijkt zelfs de motor van onze economie te zijn. Zonder de onverzadigbare consument zouden productie en consumptie stilvallen, met forse gevolgen voor de werkgelegenheid. Ongenoegen wordt vaak gezien als de drijvende kracht achter vooruitgang. Maar het maakt ons ook afhankelijk van anderen die daar financieel of professioneel baat bij hebben. Denk aan het groeiende leger psychologen en hulpverleners. Wat zou er gebeuren als iedereen tevreden was met zijn lot? Zouden zij dan niet zonder werk komen te zitten? Sterker nog, onze gevoeligheid voor problemen wordt voortdurend aangescherpt. Soms lijkt het alsof ons problemen worden aangepraat.
Een lichte somberheid wordt al snel gelabeld als een depressie, waarvoor men professionele hulp zou moeten zoeken. En het zijn niet alleen psychologen die van onvrede profiteren: ook advocaten hebben belang bij mondige burgers die hun recht willen halen. De rechtbanken worden overspoeld door zaken waarin partijen elkaar geen duimbreed toegeven, waardoor procedures eindeloos voortslepen. Hetzelfde zien we in het onderwijs. Waar vroeger een diploma middelbaar onderwijs volstond, geldt nu dat aanvullende scholing noodzakelijk is. ‘Levenslang leren’ is de norm geworden. Want rondlopen met een diploma dat niet minstens gelijkwaardig is aan dat van anderen, voelt voor velen ondraaglijk, het zou immers betekenen dat de ander beter is.
Toch is echte acceptatie geen vorm van berusting of onverschilligheid. Het betekent niet dat we niets meer veranderen, maar dat we onze innerlijke vrede niet laten afhangen van het voortdurend najagen van meer en beter. Acceptatie is de kunst om de werkelijkheid onder ogen te zien zonder erdoor gevangen te raken. Vanuit die rust kunnen we juist bewuster kiezen welke veranderingen werkelijk de moeite waard zijn, in plaats van ons te laten voortdrijven door onvrede. Misschien is dat wel de meest revolutionaire houding in een wereld die leeft van ons voortdurende verlangen naar iets anders.